27-08-16

BRIEVEN AAN JOZEF: BEELD EN WOORD (1)

293-alle-woorden-klein-iets-mooier.png

 

Om je toch even te duiden voor de verdwaalde lezer, de mooiste lezers(essen) die er zijn, ik heb het niet over de voedstervader met die naam, al is de geschiedenis van Jezus' kinder- en schooljaren nog dichtbij, maar anderzijds is elke naam een omen (een voorteken) zoals gezegd in het latijnse spreekwoord en zal de voedstervader nabijer zijn dan de kostwinner-met-dienst of degene die het bij de drievuldigheid voor het zeggen schijnt te hebben. Waarin dat omen schuilt mag de verdwaalde vermoeden of raden, al zal aandachtige lectuur hem of haar wel bijlichten in het duister waarin deze zin zijn leven leidt.

(twee keer 'al zal' duidt op het voortdurend corrigeren van de gedachtengang, ik zou beter wat meer Coetzee lezen die de gave van het sobere woord heeft uitgebouwd.)

Je stuurde mij een verwijzing naar de beeldsonetten van Ted van Lieshout, een uiteraard bekende naam in mijn oud heelalletje. (we hebben elkaar lang geleden - de televisie was net uitgevonden dacht ik toen ik het spelletje onderging- in 10 voor taal ontmoet  in Hilversum waar Robert Long de mooie en zalvende voorganger was.) Een creatief mens is Ted, duidelijk aanwezig en lekker Hollands ongegeneerd opdringerig springt hij bijna uit zijn blog (dat nog niet zijn blog blijkt te zijn) maar dat wordt ruimschoots gecorrigeerd door de teksten die je na lang zoeken  ook nog ergens anders aantreft, zoals die 'beeldsonetten' waarin voorwerpen de woorden vervangen. Het zijn leuke vondsten en je kunt zelf ook de slag, een belangrijke pedagogische eigenschap blijkbaar als je in die sector bedrijvig bent.
'Rond vierkant vierkant rond' wil zelfs een cursus poëzie zijn, reikt bouwstenen aan om vanuit de gekende vormen zelf aan de slag te gaan. (daar zijn we weer)

 

TedvanLieshout-Vakantiesonn.jpg


En ja, het is leuk, zoals spelletjes leuk zijn, het is 'aardig' zoals grapjes aardig zijn, maar het mist nu net die kern waarover het in poëzie moet gaan: hoe jij als kind of ouderling, kortom als mens tegen de wereld botst en wat jij en jij alleen daarbij 'gewaar' wordt en hoe jij dat onder jouw woorden brengt hoe primitief die ook mogen zijn, of voor wonderkinderen hoe je al op vroege leeftijd kunt lullen en lallen maar hopelijk niet te vroeg in voorgeschreven vormen of illustere vondsten maar in de taal die vanuit jouw hart, kopje, en verder niet genoemde onderdelen komt.
Van Lieshout geeft daar zelf een mooi voorbeeld van in 'Hij slaapt'.




Hij slaapt

Hij slaapt, deze vader. Ik leer hem kennen om
de sterkste en de beste heen. Zo stil en hulpeloos
op de bank, moegedaan, laatvermoeid, moegelaaid.

Zijn duim waar die gebleven was tussen
de bladzijden van het boek dat hij las. Welke regel
heeft te zwaar aan zijn wimpers gehangen?

Dat ik om hem heen sluip en de lampen uitdoe
is bescherming; de vijand heet beweging en geluid.
ik kus hem niet. Ik leg geen deken over hem heen.

Ik zorg zolang voor hem. Ik zit op een stoel,
kijk naar hem, houd de wacht, houd van hem.
Stil. Hij is van mij. Deze lieve kleine vader slaapt.



Natuurlijk, er zijn de vondsten zoals de regel die te zwaar aan zijn wimpers heeft gehangen, maar in het centrum van de tekst staat de machteloosheid, het niet kunnen benoemen van de gevoelens die hem bekruipen bij het zien van zijn slapende vader en die beetje bij beetje vorm krijgen in aarzelende woorden, in pogingen om de beschouwing de bovenhand te laten halen.
Daar komt liefst geen rond vierkant vierkant rond bij kijken.
Je zou dus met kinderen woorden kunnen verzamelen die opborrelen in bepaalde beleefde (vécu, pas poli!) situaties en daarin beginnen schrappen, aanvullen, luisterend naar je zelfste zelf. Ik herinner me het associerend denken en direkt opschrijven van wat je voor je geest ziet als vertrekpunt. Niet nadenken, onmiddellijk opschrijven.  Wat je niet kunt schrijven mag je ook vlug tekenen. Durf hebben ze wel, maar ook de veiligheid om je mogen uiten is nodig.

Wellicht is leren waar-nemen, tot en met in je eigenste zelf, belangrijker dan 'het spelletje' waarmee blijkbaar elke pedagogische activiteit moet gecamoufleerd worden.
Ik denk dat het spelen in mijn oudere ik heel andere vormen heeft aangenomen: de vreugde van het weglaten, het over-denken waarin ook de herhaling besloten ligt.

worth-label.jpg


Het zeggen en of schrijven van het woord, Jozef. Het woord. Niet te vervangen door een beeld, al zal het beeld zijn eigen betovering meebrengen, echter zonder een excuse te zijn om het woord niet te moeten uitdrukken.
We leven in tijden waarin het beeld heerst, de vorm vaak belangrijker dan de inhoud blijkt te zijn en het woord een beetje bevend in het hoekje staat te zwijgen.



Zo groots
de lucht

een mus
zie je dadelijk.



Vanuit een klein venstertje gezien, deze gewaarwording, zonder vleugels op dat moment. Gekooid.
Hazel, zestien,  zou daar mooie beelden bij kunnen maken, ze is een fotogravin pur sang maar ze zou ook begrijpen dat het woord hier onvervangbaar is. Ze loopt nu rond in New York, het oog in de hand.

Nu zijn we terug bij de schooljaren van Jezus waarin de cijfers gedanst worden. Zo ver is het nog niet. Je bezit magie en geduld genoeg om die dans te vertalen naar Kempische mogelijkheden. En of het dan rond vierkant vierkant rond is, de werkelijkheid rond de betovering mag je best woordeloos maken al wacht het blad geduldig tot ook daar het wonder begint.
Het plezier van de beeldsonetten, de grappige aanzetten en plotse vondsten, laat iedereen ze gebruiken in plaats van een dode les over 'de poezie' die naar later bleek geen kat was maar een trema nodig had om poëzie te worden.
Maar heb het woord ook lief, het ongekamde woord of het gestileerde jonkertje, het zuchtende of kwetterende, het trage of ricocherende woord, vluchtig uit de mond of met oude krullen geschreven. Er was eens.
In de stilte waarin ik leef hoor ik de woorden zonder ze te zien.

En beste kinderen, stel jezelf voor, maar je mag slechts drie woorden gebruiken.
Denk tien minuten na, schrijf er vijftig op en hou er drie over die het meest bij jou passen.
Wij raden dan waarom.
En jijzelf ouderling?
Ikzelf ga erover nadenken. Je hoort nog van mij, Jozef. Ik probeer een brave ouderling te zijn.

 

alphabet_0.jpg

00:16 Gepost door indestilte

De commentaren zijn gesloten.